11 januari – 10 augustus 1904
11 januari: → Mr Hoyer zal zich morgen naar de zitting laten rijden, dus kunnen wij gaan. ‘s Morgens hebben we nog wat gepakt en om half een gebruikten wij een kopje koffie met mokkataart om om half 3 te gaan eten. We waren toen gelukkig al met alles klaar. Met een rijtuig gingen wij naar ‘t station, waar weldra Th. S. L. H. en G kwamen ; het afscheid was niet bepaald treurig, maar is ook maar voor een half jaar. Tot Boxtel hebben Ma en ik alleen gezeten, daar wij 1ste klasse reisden en Pa op mijn kaartje 2e. Toen kwamen we in een D trein . Ma en ik zaten met een Duitscher en een Engelschman; deze laatste wou Duitsch spreken, maar dat ging zoo ongelukkig, dat we er telkens om moesten lachen. Van half 6 tot half 12 zaten wij in den trein maar ik verkortte de tijd door een fransch boek te lezen. Te Vl. aangekomen, gingen wij dadelijk op de boot, M. en P gebruikten nog een broodje maar ik ging dadelijk op kooi. M. en ik hebben samen een allergekst klein hokje, bestemd voor 4 personen, maar waarin men zich met z’n tweeën nauwelijks roeren kon; er waren er 2 boven elkaar en in het bovenste klom men met een trapje in. Bij mijn kooi was een rond schietgat waardoor ik de zee kon zien. Wij waren gelukkig geen van allen zeeziek, maar om half 4 toen we middenin waren, schommelde de boot erg en had ik een beetje een lam gevoel. Pa was met nog een paar heeren in een hokje, maar kon den heelen nacht niet slapen, daar er een mr. was, die niets deed dan spugen. Om 6 uur kwamen wij te Port Victorie aan, waar wij gevisiteerd werden. Om 8 uur waren wij aan het Holborn station, waar Pa een groote last met mijn koffers had, daar de menschen er een onverstaanbaar Engelsch spraken. Per slot van rekening, moesten we de koffers weer meenemen. We namen toen een cab, die ons voor 3 sh. naar het Charing Cross Hôtel bracht, een prachtig groot hôtel. Na ons wat verfrischt te hebben gingen wij uit langs de ←- Thames Embankment. → Verder zagen wij nog het ← Buckinghampalace, the Green park Waterloo station, Picadilly → en deden wij verscheidene einden met den omnibus, wat heerlijk was, we stonden versteld over zoo’n drukte. Bij het ← Waterloo Station → lunchten wij heel gezellig en gingen daarna weer verder de prachtige win ← zie program Empire Th. → bezien. Wij aten in ‘t → Criterion ← en wilden daar ook het theatre bijwonen, maar er was geen zoodat we toen fayw naar het ← Empire Theatre → zijn geloopen, een prachtige zaal. Magnifiqué ballêts gezien van wel 100 ballêtjuffr., die onbeschrijflijk mooie costuums aanhadden. Voorts zagen wij, looping the loop en allerlei goocheltoeren acrobâtische toeren. Ten slotte eenige levende beelden. Om 12 uur was het gedaan. Er waren 4 ← tableaux v.a. de Lorelei Wijnoogsten → het was bijzonder. Zij hadden een brief van Pau en ik nog een van ← M. Schnyder.
13 januari: → Vanmorgen werd ik geroepen met ← Eight. Letters. → Ik aldoor ges. Dit herhaalde zich tot 5 maal en toen viel er meteen een briefkaart door de deur. Ik moest ook maar weten wat zij wou. De heele dag in het ← Crystal Palace → doorgebracht, onbeschrijflijk grootsch. Wij gingen er heen per ← Underground. → Aardige Engelschman in den trein. Van alles in het ← Crystal Palace. Artis, skating-rink, → waar het vol menschen was, ik had het nooit gezien. Allerlei winkels ← opgezette dieren, draaimolen, standbeelden, Zalen in Moorsche en Renaissance stijl, kerstboom, restaurants, circus, theatres, → dit alles in dat eene paleis dat geheel van glas is, maar dan mooi. Toen we er een heele dag in waren geweest, hadden we alles nog maar oppervlakkig gezien. Er is een prachtige tuin om heen met waterwerken en prachtige standbeelden. Wij hebben er uitstekend geluncht en ons 4 uur in een aardig winkeltje chocolade gedronken met cakes. In een tent zagen wij ook een paar juffrouwen, die in een klein bassin met water zwemmende allerlei kunsten verrichtten. Wij aten in London en bekeken daarna de winkels die prachtig waren. Thuisgekomen begon ik nog even aan een brief aan Pau en ging daarop naar bed.
14 januari: → Ik maakte den brief aan P, af en daarna bezochten wij de Westminster Abby, die prachtig is vol met standbeelden. Wij zagen ook het deel, waar beroemde personen begraven lagen. ← Een man bracht ons overal rond, maar hij ratelde zoo, dat wij er niets van verstonden. Wij lunchten in een winkel, waarna wij naar de Towerbridge gingen die wij op en neer liepen onder een hevige wind. Hierna gingen wij met een omnibus door de stad en door de drukste straten. Het was vreeselijk leuk. Wij allen in het hôtel en gingen daarna naar het Palace Theatre dat prachtig is. Het mooiste was het nummer Chineezen van Japaneezen, een en andere arme vrouw dit was griezelig om te zien! De man hield o.a. een ladder op de punten van zijn voeten in de hoogte en … de moeilijkste toeren liet zij zien maar met een hand en een voet en hing zoo aan de ladder. Op het laatst draaide de man haar op zijn voeten als een bal rond. Verder werden er nog kunsten met beren en met een hond vertoond en hoorden wij een Imitator, die alle mogelijke vogels na kon bootsen, het was alleraardigst! (…)
15 januari: → Wij vertrokken vandaag naar Reading, lunschten aan het station en gingen toen naar Esser waar wij in de salon ontvangen werden, toen bezochten wij het huis waarna ik met Pa. en Ma in de tram weer wegging. We bezochten nog even de ruïnen van een klooster en gingen daarna naar het station. R. viel ons erg mee en ook vind ik het prettig dat ik alleen slaap. Thuis Aan ‘t station namen wij afscheid, waarna ik te voet naar Dunedin terugkeerde. In mijn kamer gekomen maakte ik weldra kennis met Tiny Hingeveld die ik bijzonder aardig vind, vreeselijk vroolijk. Toen gingen wij theedrinken en maakte ik kennis met Betsy. H., Daisy, Lear en Agnes Appengeller allemaal heel aardig, en met Miss Merry een oud vervelend mensch, met vreselijke piepstem doof als een pot. Toen zij begon te spreken, kon ik me haast niet goed houden. Ze is erg vies en vlooit zichzelf aldoor, waardoor ze door de anderen “flee” wordt genoemd. Na enige spelletjes en na eten dat om 7 uur is, deden we in de sittingroom letterspelletjes en vensterbanken. Brief van H., Linder
16 januari: → Dadelijk na “breakfast” gingen T.B.D. en ik boven op een elec. tram naar Witley dat heel mooi is en waar wij heerlijk wandelden. Ze vertelden mij een massa over Essie, waardoor ik niet een zeer goede indruk van haar krijg. Wij gingen ook weer per tram terug. ‘s Middags hield ik mij bezig mijn koffer uit te pakken en bij de thee was het zwarte kind er. ‘s Avonds deden de flee en ik ”reversi” in de sittingroom. Dat weet ik wel, dat ik mij niet op mijn kop moet laten zitten door Esser. ook wel “pig” genoemd. ←
17 januari: → Vandaag is het een vreeselijke dag geweest; men mag niet: knoppen op de piano spelen, niet handwerken, romans lezen, lachen, men krijgt koud eten en de Engelschen zijn den heelen dag in de kerk en lezen den Bijbel of vrome boeken: Ik gebruik dezen dag maar om te schrijven hoewel Esser het eigenlijk met leede oogen aanziet. Van 11 tot half 12 zijn wij naar de kerk geweest waarvan ik geen cent begreep, ‘t leek wel een Jodenkerk, want ze zeggen alle psalmen hardop en gebeden ook. Het is erg vermoeiend want men doet niets dan staan en knielen. Alles wordt gezongen en sommige zijn net orgeldeuntjes. De clergyman is heelemaal in ‘t wit en er zijn ook koorknapen, na de kerk was ik met Betsy en opeens zegt de pig, die met de flee liep tegen mij, dat ik met haar moest gaan wandelen. B. was woedend en ik niet minder. Ik deed een vreeselijk vervelende wandeling met die 2 en na het diner ben ik er met T en B. vandoor gegaan, de Bath Road op en amuseerden wij ons erg met de verliefde paartjes, die er soms idioot uitzagen. Na thee ging ik schrijven naar huis; ik heb geschreven dat ik het hier onmogelijk 6 mnd. uit kan houden en dat ik het hier vreeselijk vind. Pig probeert mij tegen T. en B. op te zetten maar dat zal haar niet gelukken, ze is valsch. Nelly was erg naar vandaag, ze had zich overwerkt, maar pig deed niet de moeite eens even naar haar te gaan kijken. Dat is christelijk! Dat gaat 2x per dag naar de kerk!!! Vanmorgen kreeg ik een brief van Ma uit Londen. Vanavond mochten wij in de salon zitten vrome boeken lezen. ←
18 januari: → Spekbuik had eens gezegd dat de Hollanders altijd zoo voorbarig waren, zooals Ma ook, die in juli al had gezegd dat ik in Jan. zou komen, de onbeschaamde!! Ik ben een heele tijd bij T. en B. op de kamer geweest, die een heeleboel over Esser gezegd hebben, in die tijd stond pig achter de deur te luisteren, dit heeft de meid gezien. Opeens kwam pig woedend binnen. De flee vertrok vandaag en alle kinderen en de 2 missen kwamen terug, Om half 4 ging de spekbuik uit en hebben wij in de keuken thee gedronken en vreeselijke pret gehad allemaal leuke holl. liedjes gezongen. ←
19 januari: → Vanmorgen kreeg ik een brief van Adri; we moesten om 8 uur al ontbijten, daarna een vervelende wandeling met Philis en om half 10 begon de school, eerst lange preek van pig. Om 11 uur krijgen wij altijd melk en biscuits. ←
20 januari: → Vanmorgen brief van Pau. Pig wou dat ik met de anderen na het ontbijt ging wandelen, maar ik heb mij in de plee verstopt. Ik had pianoles van Miss Brinkworth, een snoezig mensje. Om 12 uur ging ik met de pig boodschappen doen. ‘s Avonds schreef ik 12 zijdjes aan Florence en 9 aan Saar, maar de laatste 5 schreef ik in mijn kamer, daar ik de inktkoker mee naar boven genomen had, en voor de deur een handschoen gehangen had. ←
21 januari: Om 12 uur deed ik de wandeling mee, ik liep met Miss Br. en Philis. Ik kreeg een langen brief van Ma, en een ansicht van Pau met de “Flolé superieure” erop. Om 3 uur stond Pig Betsy en mij tot onze groote verwondering toe samen te gaan wandelen. ‘t Was heel gezellig, wij gingen naar een heuvel.
22 januari: → Koningin Emma vandaag 25 jaar in ons land, er zijn feesten in Nederland. Ik teekende een blad na de natuur. Betsy, T. en ik gingen met Pig naar de stad, We lieten B. maar met P. loopen. Om 3 uur hebben B. T. en ik weer gewandeld naar de heuvel, waar wij onze sinaasappellen op aten, die wij onderweg gekocht hadden. Daar schreef ik ook een briefkaart aan M. en P. om te vragen of ik 2 Febr. naar Londen mag; met B. en T. om de koning en koningin te zien, die naar het House of Parliament gaan, ik zou het dol vinden als ik mag, maar ‘t is nogal duur. Na de thee hebben wij in de schoolroom genaaid en vreeselijk gelachen, daar wij alles op rijm zeiden en de zotste dingen zeiden. Miss Athkinson was woest en kon onder de kinderen ook geen orde houden. Na supper las Pig voor uit het Dagboek van Koningin Vict. heel interessant over hare reizen met den koning in Schotland.
23 januari: Toen ik vanmorgen opstond was het vreeselijk mistig, Miss Athk. bracht mij naar Miss. Bradley, waar ik ging schilderen. We gingen met de lift naar boven en ik nam 2 uur les, ik vond het nogal prettig en Miss Br. was erg aardig, maar ik geloof niet dat ze erg goed schilderles geeft, want ze zei aldoor “allright” wanneer ik het nog lang niet “allright” vond. Ik schilderde een tak bladeren naar natuur. Het is vreeselijk mistig en kilkoud vandaag. (…) Ik had mijn pianoles ze was heel tevreden over mij, hoera! ←
27 januari: (…) → Ik begrijp niet, waarom ik nog al geen brief van huis heb, want Ma zou Zondag schrijven. ←
18 januari: → Vanmorgen ontving ik een langen brief van Ma. Vanavond hebben T, B, en ik een heele tijd samen gepraat en elkaar onze geheimen verteld, typisch gewoon!
1 februari: → De laatste dag dat B. en T. hier waren, ze hadden het druk met pakken. Om 12 uur gingen ze met Agnes en mij naar de stad boodschappen doen vreeselijk leuk! ← Agnes en ik met Hal. begonnen.
2 februari: → Om 9 uur vertrekken zij met een cab weggebracht door E en Agnes. ‘t Spijt mij erg dat ze weg zijn. Ik kreeg vanmiddag een brief van 14 zijdjes van P, meteen voor mijn verjaardag en een brief van Gredy arm kind, nu hun fortuin op is! Ik zit gelukkig niet meer naast F, maar naast Hilda en Miss Atkinson. ←
3 februari: → Irene was vandaag jarig; vanavond hebben wij in de playroom gedanst. ←
5 februari: – Ik krijg vandaag brieven van, ← Mien, Zus en Florence al voor mijn verjaardag. (…)
6 februari: → Al 18 jaar, ik kan ‘t me niet begrijpen en voel me nog lang zo oud niet en welke gelukkige jaren liggen achter mij! God zij daarvoor gedankt! En ik voel mij dan ook innig dankbaar voor zooveel onverdiend geluk. lk heb mij vast voorgenomen dit jaar eens goed mijn best te doen om mijn lieve beste ouders eens veel pleizier te doen, te maken dat ik een betere zuster zal zijn dan dat ik tot nu toe geweest ben en om niet meer zoo typisch te zijn. God helpe mij! Ik kreeg vandaag verbazend veel brieven: in ‘t geheel heb ik nu 12 brieven en 6 briefk. gekregen, zalig gewoon! Vanmorgen heel vroeg, maakte ik het pakje open, wat ik tot nu toe in de koffer had gehouden. Er zat in: 3 plakken chocola, een busje Arnhemsche balletjes en snoezige fijne zakdoekjes, die de lieve Moeder zelf geborduurd had. Ik krijg nog iets moois voor mijn kamertje als ik thuis kom. Ook ontving ik het portret van de Koningin en de Prins. de staat er snoezig op; dat moesten de rooinekken ook erkennen. Bij de thee trakteerde E. op taartjes heel aardig van haar! ;s Morgens had ik mijn schilderles, ik teeken nu obbels naar natuur. Ik schrijf vanmiddag 10 blz. aan Pau, 4 aan Mlle. Thomas en, Zaan Gredy. ‘s Avonds dansten wij in de playroom. ←
7 februari: → Ik kreeg er nog 3 brieven bij, p.b. een van Mevr. Hoyer. Ik ging met Atkinson naar de kerk en vond dit veel mooier dan de Low Church; dit is veel meer als gelijk aan onze Holl. Kerk. Ik schreef aan Ma en Pa 8 zijdjes, 4 aand Zus en 4 aan Geertrui. ←
8 februari: → Ik kreeg er nog 5 ansichten bij, zoodat het aantal nu gestegen is tot 15 brieven en 11 ansichten. Ik schreef 12 zijdjes aan Mien, die nu in ← Nenilly → zit. ←
9 februari: → Ik schreef 8 zijdjes aan Coba. ←
10 februari: → Om 12 uur had ik de een met 2 oude totenbelten te loopen: E. en Merry dreadful! Vanavond schreef ik aan Adri en Mevr. Hoyer. ←
11 februari: → Vanmiddag ging ik met Agnes mee, die Phyllis naar de dansles bracht. ‘t Was heel aardig om te zien. Wij zijn een uurtje weggebleven om boodschappen te doen en gingen naar de ← Ruins. Vanavond → schreef ik in Mlle. ← Julia → voor haar verjaardag, ← Paula, Marta Bear en Alice. Brief van Ma gehad.
12 februari: Om 12 → uur gingen Hilda en ik naar de Hennet; het regende en de weg was heel vuil. ←
18 februari: → Na schilderles maakte gingen Miss E., Agnes en ik naar den tandarts omdat ik gisteren en vandaag zoo’n kiespijn had; zij nam het cement van de geplombeerde kies eruit, deed er chloroforen op, waardoor ik geen pijn meer had en zei dat ik Dinsdag weer terug moest komen als de zenuw dood was. Na dinner gingen Atkinson, Agnes en ik met de tram naar Caversham, om de overstromingen van de Thames te zien! ← ‘t was net een groote zee; we wandelden daar een heelen tijd en keerden toen weer per tram terug. Er was een vreeselijke wind.
Hier springt het dagboek ineens over naar 3 april en gaat het ook over in normaal schrift ipv. geheimtaal.
Maandag 3 april 1904. Miss Brinkworth en ik gingen vandaag naar Windsor. Om 9 uur vertrokken wij en waren er een uur later. Vanuit den trein konden we het kasteel al zien , dat schilderachtig aan de Thames gelegen is. Daar het een Bank-Holiday was, was er een groote menigte menschen . Om 11 uur konden we pas de State-Apartments bezichtigen, zoodat we dat uur benutten het kasteel, dat uit vele gebouwen bestaat, eens om te loopen. Om 11 uur konden we kaarten krijgen, die dien dag voor niets te krijgen waren en anders 1 sh. kosten.
De State-Apartments zijn prachtig! Alles was onbedekt, zoodat we het erg troffen. Er was een Rubenszaal, een van Dijkzaal met prachtige schilderstukken van die meesters en verder waren in alle zalen schilderijen van Holl. en Ital. schilders.
De mooiste zalen vond ik de St George Hall of ball-hall, the room of the Garter en the Waterloo Hall. In de eerste zaal hingen schilderijen van de Engelsche koningen en koninginnen in opeenvolgende orde. Het plafond was bedekt met wapenen en vlaggen en aan ‘t einde van de zaal stond de troon.
The room of the Garter is geheel blauw, de stoelen blauw met goud, terwijl in de andere zalen de stoelen meest rood met goud zijn. Aan ’t eind van deze zaal was ook weer een troon;waarin prachtige steenen zaten , die wij eerst voor echte diamanten en robijnen aanzagen, maar later vertelde een politieagent, dat ze niet echt waren.
Bij het begin en einde van elke zaal stond een policiman.
The Waterloo-Hall was behangen met de schilderijen van alle beroemde personen die deelgenomen hebben aan de slag van Waterloo; in het midden een groot schilderij van Wellington . Er was natuurlijk ook een schilderij van Koning Willem 1.
In een van de vestibules hing een Boerenvlag, nog geheel nieuw en die de Engelschen gekaapt hadden, toen hij pas door de dames te Pretoria gemaakt was, it is a shame!
Nadat wij dit dus gezien hadden, beklommen wij de Round Tower, 200 treden op. Van hier hadden wij een prachtig uitzicht op de Long Walk, Windsor en op de 13 counties. Nadat we 2 x op en neer gingen, daalden wij een andere trap weer af ; het was erg vol op de Round Tower.
Wij aten toen onze sandwiches opgegeten op een grasroller. Miss Br. had buitendien nog heerlijke chocolade meegenomen en nadat we ons alles goed hadden laten smaken, gingen wij de St. George’s Chapel bezichtigen , die ik zeer bewonderde en bijna nog mooier vond dan de Westminster Abbey, ofschoon natuurlijk niet zo groot.
Aan de linkerkant, als men inkomt, is een prachtig gekleurd raam in een nis, is het standbeeld van ……….. dat prachtig door het licht werd beschenen. ,9
Wij zagen ook de plaatsen van de Kon. familie en eromheen alle plaatsen voor the knights, ieder met zijn eigen vlag en wapenen aangeduidt . Dit is verreweg het mooiste deel van de chapel en het houtwerk is daar ook prachtig uitgesneden evenals het koepeldak , In Windsor gingen wij even een glas melk met een koekje gebruiken en schreef ik een briefk naar huis en een naar Paula.
Daarop gingen wij naar de stallen om de prachtige paarden te zien. Alles was er even schoon en netjes. We werden rondgeleid door een stalknechtje in’t zwart met een helgeel vest.
Maandag 24 april’ 04. Mrs. Schoolbred ging vandaag weg naar Brighton , Daisy ging voor 2 dagen naar Phyllis en Agnes en ik gingen samen per trein naar Carley. Van het station konden wij een kasteel zien, dat op een hoogte lag en besloten we er heen te gaan, na een uur waren we er en toen wandelden we om het park heen, dat aan de eene kant omgeven is door een laan, die aan beide kanten met rhododendron begroeid is, maar ze waren niet in bloei.
De natuur is daar prachtig en wij hadden een ander uur nodig om om het park heen te gaan; wij wisten niet wanneer de trein naar R. terugging en toen we dicht bij het station waren zagen we hem aankomen. Daar we kaartjes in den trein zelve konden krijgen, waren we juist op tijd.
Na dinner kwamen Elisabeth en Lily hier. Ze kwamen uit een High Church Convent van Oxford. Ze zijn volkomen verwaarloosd en weten hoegen. niets, zelfs niet lezen en schrijven. Ze zijn erg slecht behandeld in het klooster, hadden slecht voedsel , harde bedden en kwamen haast niet in de lucht; ik heb erg medelijden met ze.
Donderdag 5 mei 1904. Miss E.en ik gingen vanavond naar een meeting waar gesproken werd over the distressed Macedonians . Een Mevr. die daar geweest was, vertelde ons erover en vroeg de hulp van Engeland in, de toestand daar moet vreselijk zijn, twee andere Engelschen, die er ook geweest waren, spraken ook erover. Alle Engelschen in de zaal waren erg verontwaardigd over de manier waarop de Turken de Macedoniërs behandelden. ‘T Zou beter zijn als ze eerst maar eens naar hun eigen keken en daarbij is hun hebzucht weer de schuld van die mac.
Maandag 13 juni 1904. Vanavond gingen Miss Brinkworth en ik naar een concert, het was prachtig; het meest genoten wij van het pianospel van Mr .Howard-Jones , hij speelde 3 stukken, die ontzettend moeilijk waren, bij de accorden zat hij zoo op zijn stoel te springen, dat iedereen erom lachte. Hij was dan ook helemaal op, toen het uit was en hield zich bij het buigen aan de piano vast. Verder werd er prachtig op het orgel gespeeld door den kon. organist, dan waren er viool en een koor dat heel mooi zong o. a. een gedeelte uit Athalie. Toen ik thuiskwam gaf Miss Br. mij nog een massa koekjes; voor het naar bed gaan moest ik nog het een en ander voor morgen bij elkaar liggen, zoodat ik erg moe was toen ik eindelijk naar bed ging. Miss Br is een werkelijke snoes, ik ben dol op haar!!. Eergisteren o.a. terwijl zij het zoo druk had, hielp zij mij toch nog den heelen avond met een blouse, die ik veranderen moest en gisteren na supper hebben wij tot half 10 heerlijk met elkaar gewandeld en vertelde ze mij een massa.
Dinsdag 14 juni LONDEN nr Baart de la Faille- Wichers Hoeth. Vanmorgen om 10 uur vertrok ik naar Londen, na den trein genomen te hebben, die 10 min.te vroeg ging. Agnes bracht mij naar het station . Toen ik te Paddington aankwam stond Nicht direct voor mij , ze had mij dadelijk gekend aan mijne gelijkenis met Mama. Wij wachtten toen nog even op Lize Boekenoogen, die met ons mee naar de Kew Gardens zou gaan en toen gingen we met ons drieën per electr. tram naar Kew. Voor daar in te gaan, lunchten we eerst heel gezellig in een restaurant en toen begon onze heerlijke tocht door Kew, langs al die prachtige planten en kassen, planten die men nooit zou hebben gedacht, dat bestonden. Wij hadden een plattegrond gekocht en gingen eerst naar de Rhododendronslane waarvan ik verrukt was; er waren daar rhod.van allerlei kleuren, sommige gevlekt en met bijzonder groot bloesems er waren ook eenige die op een boompje groeiden, we waren nu juist in de goede tijd daarvoor. Vandaar door de bamboetuin naar the Lake, waarbij we eerst de Thames als het Lake aanzagen en daarvoor in extase stonden, toen Lize op de kaart bemerkte dat het de Thames was en we toen op de zoeking van het Lake uitgingen, dat we weldra vonden in den vorm van een droge poel, ze waren er aan ‘t repareeren. Toen gingen we wij naar het Palm-house een kas waar de prachtigste palmen in stonden met ontzaglijk groote bladeren. Lize en ik gingen boven op de galerij naar de planten kijken, maar kwamen gauw weer beneden om de warmte. Tegenover het palmhouten was een kleinere kas met de vreemdste waterlelies erin. Hierna dronken wij thee en cake op het gras en toen we goed uitgerust waren, gingen wij weer naar een prachtig groot hot-temperature house en vandaar door een wild boschachtig deel van Kew, naar de orchideeënkas , die bijzonder mooi was, de vreemdste orchideeën waren er met de prachtigste kleuren, in datzelfde hot-house was ook de Victoria Regia, de plant die maar eens in de 100 jaar bloeit, hij heeft 5 enorme bladeren die ieder precies gelijken op een groot presenteerblad met opstaande randen, de gehele plant ligt in het water. Vandaar naar het Museum van Marianne North, die het geheele museum met alle schilderijen door haar gemaakt 850 in getal aan Kew heeft gegeven, alle schilderijen zijn van planten en bloemen, die ze overal in de wereld heeft geschilderd, alle muren van het museum zijn van boven tot onderaan ermee bedekt, heel eigenaardig.
Hierna wandelden wij naar de rose-gardens vandaar naar de rock-gardens, dit laatste bestaat uit allemaal rotsjes met prachtige mossen en bloemen ertusschen, het is erg vol met al die mossen, maar toch zijn er geen 2 hetzelfde. Wij gingen toen uit Kew, nadat wij er 4 ½ uur hadden gewandeld, we hebben dan ook alles gezien.
Donderdag 16 juni 1904. Ik voelde mij vanmorgen nog erg moe en bleef tot dinner in bed.
Toen gingen wij per trein naar de City. Dichtbij het station was een vreeselijken brand, waar wij nog een tijd naar bleven kijken en toen gingen wij St Paul’s bezichtigen, eenig mooi, ik vind het veel mooier dan the Westminster Abbey. ‘T is niet zoo vol in en St. Paul’s is ook veel grooter. Hierna per handsome naar een tube station naar Kensington station; wij gingen toen naar de Kensington Palace Gardens, waar de fam. v. d .Bergh woont. De luxe aldaar is onbeschrijfelijk, het is alsof men bij den Koning is, alles even smaakvol en kostbaar. Overal blauw porcelein tot zelfs in de slaapkamer van Mevr. toe, die geheel wit is met blauw satijn, alle muren en tafeltjes bedekt met blauw porcelein en alle toiletbenoodigdheden van zilver. Overal ook het prachtigste oud koper. Mevr .was erg aardig , een heel knap mensch haar familie Spanjaard woont in Borne en ze sprak met mij over Almelo en de bewoners aldaar. We dronken eerst thee met koekjes en daarna kwam het rijtuig voor om ons in Hyde Park rond te rijden. Dat was ontzettend leuk, daar het juist the season is en er dan in the Rotten Row alleen maar particuliere rijtuigen mogen rijden. Het was er erg vol en men zag veel chique. Driemaal reden wij The Rotten Row op en neer en toen nog eens om Hyde Park heen. Vanuit de bruggen had men een prachtig uitzicht op the serpentine, een brede stroom. Na 1 ½ uur rijden gingen wij weer terug en zaten nog een tijd in de library; wij zagen toen ook de 3 kinderen van Mevr. v. d. Bergh, 2 jongetjes en een meisje, heele aardige kinderen, erg verwend. Ze kwamen thuis van een Garden party, waar wel 100 kinderen waren geweest. Men kon zoo zien dat ze het meer als een plicht rekenden er heen te gaan dan wel als een pleizier.
We hadden een uitstekend diner en bij het dessert kwamen Mr. v.d. B. Is een grappige Jood, directeur van een margarinefabriek. Om 10 uur bracht hij ons naar het station en ging nog een eindje met ons in the tube mee, wij waren om 12 uur pas thuis.
Vrijdag 17 juni 1904. Ik had vanmorgen een erg gezelligen brief van Mama.
Om kwart voor 3 gingen wij eerst met den trein naar Cannon Street en vandaar per underground naar Earl’s Court, waar ik half gestikt aankwam door dien rook in die akelige undergrounds, gelukkig wordt dat gauw veranderd in een elec. baan. Wij hebben erge pret gehad in Earl.s Court, waar een Italian exhibition is. Eerst gingen wij langs prachtige Italiaansche winkels en kwamen vandaar op een plaats, waar een groote vijver in ‘t midden is. In ’t midden van de vijver is een vliegmachine, dat is als een zweefmolen d. w. z . booten, die om een paal heendraaien en hoe langer hoe hooger gaan, vreeselijk gevaarlijk, maar leuk om te zien, wij gingen daar niet in, maar wel in een boot, die van een groote hoogte naar beneden in het water komt rutschen, dat was typisch, met een harde plons kwamen we in het water terecht, zoodat het water Nicht’s gezicht heelemaal nat maakte en haar hoed met hoedenpin afvloog , die zeker in ‘t water zou zijn geraakt, had een Mijnheer achter Nicht ze niet heel galant opgevangen, we hadden een vreeselijke lachbui! Toen gingen we naar “Venice by night” dat gewoon splendid! was. Er was een donkere hemel met sterren, verlichte straten met prachtige winkels en dan het water met al die gondels ontzettend leuk. Wij liepen eerst overal door Venetië en luisterden naar Italianen die op eene stellage, midden op een plein aan ’t zingen waren er dansen verrichten en op de guitaar speelden. Het waren allemaal mooie donkere menschen, zwart haar, donkere oogen en prachtige witte tanden. Daar dichtbij dronken wij thee met cakes in een restaurant en nadat wij nog eens door Venetië hadden gewandeld, gingen wij in een gondel met een erg knappe Italiaansche matroos. Hij wees ons op alles o. a. de kerk Santander Maria Salute, de vischmarkt, het kon.paleis, de brug der zuchten, de gevangenis en … de maan, die hij “beautiful moon” noemt. Toen hij ons uit de boot hielp, zei hij tegen mij ”beautiful lady” en reikte mij de hand, ik zei toen ”Grazzia” Hij vroeg toen “Parli Italiano“ Ik zei “Si.” ’t Was een eenige type! We liepen toen nog een beetje door Venetië en luisterden nog weer eens naar de Italianen en toen gingen wij naar de Grot van Capri. We stapten in een bootje, dat door elektriciteit werd voortbewogen en gingen steeds verder en verder de grot in, waar allemaal prachtige kleuren waren, we kwamen elk ogenblik bootjes aan de overkant tegen, typisch; de tocht er doorheen, duurde zeker wel 5 min,’t was erg grappig. Toen gingen wij naar een ander gedeelte van Earl’s Court, waar prachtige winkels waren, vooral de marmerwinkels waren bijzonder mooi. Wij rusten daar een beetje uit en gingen toen langs een Topsy Turvy huis naar het gigantische Wheeler, een enorm wiel dat zachtjes ronddraait en waaraan groote wagons zijn verbonden, waarin menschen in gaan zitten om een prachtig uitzicht op Londen te hebben. Het ronddraaien duurt 20 min. en het hoogste punt is 1000 voet boven den grond; wij gingen er niet in. Er was ook een toestel waar men zijn portret in een minuut kon laten nemen, als men maar stil wou zijn, zolang een elektrisch belletje ging, en dan kreeg men in een minuut zijn photo in een rondje als broche, ‘t was een allergekst gezicht. We gingen om 7 uur weer door die verstikkende underground naar Cannon Street en toen weer naar Westcombe Park. Om half 9 waren we weer thuis.
Zondag 19 juni 1904. Na het ontbijt gingen wij vanmorgen met den trein naar Cannon Street en vandaar liepen wij naar Austin Friars, dat is de Hollandsche kerk. Neef preekte heel mooi en na de preek bekeek ik eerst de kerk een beetje , die heel mooi is en daarna dronk ik een kopje koffie.
Toen gingen Nicht en ik naar de 5 heeren, die bij ons zouden eten en werd ik aan hun voorgesteld. Mr. Kruseman, Gaastra, Wouda, Akkringa en Ott de Vries. Teruggaande namen wij een hele coupe in ons beslag en toen wij bij Westcombe station aankwamen, konden wij eerst het portier niet loskrijgen, zoodat de heeren er moesten uitspringen, terwijl de trein al in beweging was. Thuisgekomen gingen wij eten en zat ik naast Mr .Kruseman en Wouda. Het was erg vroolijk aan tafel ; vooral die Kruseman was een type. Na dinner gingen de heeren samen uit en Nicht en ik ook samen. We gingen naar het Greenwichpark en zagen het gebouw van de tijdopname. We wandelden een hele tijd in dat park en Nicht vertelde mij allemaal schoolmoppen, waarom wij hebben gestikt van het lachen, het park is prachtig. Toen wij terugkwamen vonden wij de heeren in den tuin en dronken wij thee en cake en daarna hadden wij een heel geanimeerd balspel; wij maakten een groote kring en gooiden met twee ballen, waarvan de eene nog wel kapot was. Bij den persoon waar de ballen elkaar inhaalden, die moest weggaan, totdat ik op ’t laatst overbleef en het spel won, waarbij ik aan gebrek aan een palmtak een lindenblad van een van de heeren kreeg. Hierna deden wij nog een balspel, maar dat ik niet won en toen kregen wij sandwiches en wijn en gaven elkaar raadsels en moppen op waarbij wij erg moesten lachen. Het was een prachtige avond en nadat de heeren om half 10 vertrokken waren, bleven wij nog tot half 11 buiten zitten.
Maandag 20 juni ‘04. Om kwart over 10 bracht een cab ons naar Westcombe Park station. Vandaar gingen Nicht en ik per trein naar Charing Cross en toen per cab door de drukste straten naar Paddington station. Daar nam ik afscheid van Nicht en ging om 12 uur daar vandaan. Van Reading station ging ik per tram naar Dunedin, waar ik om 1 uur aankwam. Miss Esser, Miss Br. en Cissie verwelkomden mij heel hartelijk. Om 4 uur speelden Miss Br. en ik even een halve set, die ik won met 3-2 . Ik schreef Nicht vanavond een brief om te bedanken en een ansicht aan Mevr. v .d Bergh. Verder verliep den dag zooals altijd.
Dinsdag 21 juni ‘04. Vanmorgen ontving ik brieven van Irmg. en Paula, ik tenniste na 4’en en ‘ s avonds , en schreef een brief van 11 zijdjes in ‘t Eng.naar huis. Om 12 uur gingen wij naar Bath , het was de eerste keer voor mij, wij hadden erg veel pleizier, want ik wou Miss Br. zwemmen leren en liet haar een keer bij ongeluk onder gaan.
Vrijdag 24 juni ‘04. Ik ontving vandaag een heel gezelligen brief van Florry en een brkrt. van Paula om te zeggen dat ze met plein succes door haar examen was met 52 punten. Ik had vandaag een heerlijke pianoles: Miss Br. was angelic! Na thee speelde ik eerst een set met Norah tegen Phyllis en Hilda, die wij wonnen met 6-2.Toen Hilda en ik tegen Ph. en N. verloren met 5-6; toen Ph. en ik tegen N. en H .wonnen met 6-0 Hilda kan geen bal slaan , al maakt ze ook veel drukte: much ado about nothing! → Toen ik vanavond Miss. B. goedenacht kwam zeggen, gaf ik eerst alleen maar de hand en ging naar de deur; toen zei ze “ I have not had a kiss” wat mij zoo verrukte, dat ik haar dadelijk een dikke kus gaf. Naderhand ging ik nog even naar Cissie om haar nog een goedenacht te zeggen. C. was haast jaloersch, toen ik haar dat van Brinkie vertelde. ←
Zaterdag 25 juni ‘04. We zouden eerst niet naar het zwemmen gaan, daar Miss E. het te koud vond, maar eindelijk mocht het dan en gingen Miss Br., Norah, Dorothy, Lily en ik er om 12 uur heen, het water was 61 graden, heelemaal niet koud en we bleven er dan ook wel 20 min. in. Ik leerde Miss Br, Norah en Lily zwemmen. Ik kocht vanochtend John Halifax Gentleman voor bd. in prachtband, vreeselijk goedkoop! Ik ging vanochtend niet naar mijn schilderles, daar ik er donderdag naar toe ben geweest, ik maasde daarom kousen en schreef een brief aan Paula, waarbij Cissy ook nog een briefje bij insloot. Voor de thee speelden Miss Br. en ik een halfset, die ik won met 3-1, wij gingen toen over bij de Floyd’s om naar 2 ballen te zoeken, die wij dan ook vonden. Na de thee studeerde ik 1 ½ uur en daarna Miss Br., naar wiens prachtig spel Cissie en ik de heele tijd voor de deur luisterden, het was heerlijk! → Ik houd vreeselijk veel van Miss Br. en ook wel van Sissie; om die twee vind ik het jammer hier vandaan te gaan! ←
Donderdag 26 juni ‘04. Miss Br.en ik gingen vanochtend voor breakfast samen eene wandeling maken, het was heerlijk! Om 11 uur begon de kerk en bij het naar huis gaan kwamen wij tweeën juist voor den regen thuis. Vanmiddag schreef ik brieven aan Paula, Gredy en Martha Sch., hierna las ik in David Copperfield en om 6 uur ging ik weer met Miss Br. naar de Baptiste Chapel, Mr Ferbern preekte heel mooi. Na supper gingen Miss Br. en ik nog een heerlijke wandeling maken. → Ik ben verrukt met haar, ze is een snoes. Ik zei tegen haar: “Only still 3 Sundays I am with you, I wish you could go with me to Holland, for I shall miss you so.” Zij zei toen dat ze niet heel gauw vrienden maakte, maar als, ze ze maakte dan was het ook ware vriendschap. Daarop zei ze: “Isn’t it Marie, it did not take so long between us! Daaruit maakte ik op dat ze mij eene van hare vriendinnen rekent, wat mij erg gelukkig maak! Wij kwamen pas om kwart voor 10 thuis. ←
28 juni: (…) Miss Br. → was vandaag niet zoo, als ze gewoonlijk was, wel heel aardig, maar ik wou dat ze wat vertrouwelijker met mij was, zooals b.v. gisteren, toen ze mij Miss. Atkinson’s brief liet lezen. ←
Woensdag 29 juni ‘04 Ik ontving vandaag een brief van Geerten. Miss Br. speelde met mij tennis , wat ik won met 6-2. Daarna spreken wij samen nog een geruime tijd op de bank. Ze is → een snoes! ← Ik speelde hierna nog 2 sets met Sissie tegen Phyllis en Norah, die wij beide verloren 6 –3 en 7 – 5. → S. heeft mij hare liefde verklaard. ←
30 juni: Het is erg warm vandaag. → Na thee gingen wij uit voor eene wandeling en vroeg ik Miss Br. of ik met haar mocht wandelen. Zij zei toen: I don’t know. Ik toen : Yes, I may walk with you, isn’t it? Zij: I shall see., wat mij boos maakte, ik holde de trap op, zeggende: No thank you I won’t now, zij riep toen: Yes Marie you may, maar ik riep aldoor, No I won’t now. Ik ging toen met Sissie wandelen, die ook boos op Brinky was, omdat ze ondanks hare belofte met Blanche ging wandelen. Miss Br. wou het weer goed met mij maken en was erg aardig, maar ik was onverbiddelijk en bleef koel en stijf. Ik dacht eerst dat ik in mijn recht was, maar naderhand bedacht ik dat Miss. Br. het volste recht had mij eene wandeling met haar te weigeren, zoodat ik toen ik haar ‘s avonds in de dining-room een kus kwam geven: zei: “I am sorry, I was so unkind to you to-day, but I did not like to be a bother to you.” Zij mompelde toen iets van, not unkind, maar dat wist ik wel beter. Toen gaf ze mij een dikke kus and squeezed my hand like anything! ←
3 juli: → Na de kerk, toen wij naar huis gingen spraken wij er over, dat wij elkaar misschien nooit weer zouden zien. Zij zei toen: At any rate we shall meet again, if it is not here then it will be above, isn’t it, Marie, you believe that now “zei Miss Br.” Truly faithfully?” “Yes really.” ←
10 juli: → Het was de laatste Zondag ik met Br. naar de kerk ging, het speet mij erg, ik nam afscheid van Mr. Thairbairn en ‘s middags zit ik een heele tijd met Br. in de classroom te praten, ze zei o.a. “That she had never cared for a foreigner so much as for me”, on which I was delighted!! This evening we had our last lovely walk together, I am so sorry it is the last! She told me she had the intention to give me a little book for every day’s use, awfully kind from her! I asked het what she should like to have for that I intended also to give her something and she answered that a book, would please her very much. We came back at 9 o’clock after which we remained still some time in the drawing-room with Miss E. and then went to bed. ←
11 juli: Ik had het vandaag erg druk met pakken om 3 uur had ik nog een les van Miss E. tegelijk met Agnes en het Deensche meisje, Miss Grandjean. Vanavond deed ik nog eenige boodschappen met de Deensche en zat daarna nog een heele tijd met Miss Esser, nadat ik eerst van de meisjes afscheid had genomen, → op hun slaapkamer, ze vonden het wel jammer dat ik wegging. ← Ik gaf Miss Br, → die ik nu Brinkie mag noemen, een ← boek van Meyer and een photograph album, waarna ze erg blij was en waarin ik iets schreef. Zij schreef ook iets in het boekje aan mij. Aan Sissie gaf ik een verjaardagenboekje, → S. vooral was erg bedroefd afscheid van mij te moeten nemen, ik vond het ook heel jammer, want ik hield wel van haar. Ik kreeg van Miss E. ← “ Oliver Twist van Dickens, → erg aardig!”
12 juli: Vanmorgen om 7 uur stond de cab al voor de deur om mij weg te brengen. Hilda, Blanche en nog een paar anderen, waren voor mij opgestaan, de anderen zei ik in bed goedendag. Brinkie bracht mij naar het station en gaf mij nog bloemen en chocolade, → die goeierd! Ik was dolblij dat zij mij alleen naar het station bracht. Het speet mij vreeselijk ik van haar afscheid moest nemen nog een laatste kus en weg ging de trein naar London. Aan het Paddingtonstation aangekomen ← vond ik dadelijk de Juffr. van de Travellers’tid Society, die met mij in een cab naar het station z reed. Ik kwam o.a ook nog door het Hyde Park, ik was ondertusschen de heele tijd druk in gesprek met die jffr, die heel goeïg was, maar die niet veel ervan afwist, want ze vroeg mij o.a. of ik met de Chatham of Dover Railway moest gaan en of Breda de hoofdstad van Zeeland was. Ik had ook nog gezeur met mijn koffers en kaartje, die ik niet ineens door naar Almelo kon krijgen, waarop ik ze toen maar tot Roozendaal nam. In Queensboro aangekomen, ging ik dadelijk op de boot, de zee was nogal kalm, maar ik kon toch niet op ‘t dek blijven zitten, vanwege de wind, er waren erg weinig passagiers ook. Ik ben toen maar in de kajuit gaan zitten en had een praatje met een dikke goedaardige Stewardess. Ik gebruikte daar eenige sandwiches en een kogelfleschje, las een beetje, sliep een beetje, voelde me een beetje zeeziek (in lichten graad) en ging eindigde met buiten naast de kajuit te gaan zitten. Na 4 uur kwamen wij eindelijk te Vlissingen aan → (het deed mij goed de vaderlandsche kust weer te zien!) ← 3 keer probeerde de boot in de haven te komen maar, waarom weet ik niet, maar het gelukte pas de 3de keer. De aansluitende trein kon ik toen niet meer krijgen, ik hoefde gelukkig maar een koffer van de 2 te openen en toen was er een heele vriendelijke chef, die mij zei met welken trein ik verder kon gaan. Ondertusschen gebruikte ik aan het station een kop Thee en een broodje en toen ik om een uur of half 10 te Rozendaal aankwam en daar ook weer een heele tijd had, verzond ik mijne koffers naar Almelo en nam een kaartje naar Breda, overal waren de menschen even vriendelijk om mij te helpen. Om kwart na 11 kwam ik eindelijk te Breda aan waar Mevr. en Florence mij opwachtten. Die arme Flor, was om 9 uur ook al naar ‘t station geweest en was nog wel expres wat vroeger van eene partij weggegaan. Het had niet weinig gescheeld of Mevr. had niet eens op het perron mogen komen, maar Mevr. had het hart. v.d. conducteur weten te vermurwen. Fl. was vreeselijk gegroeid en zag er aardig uit met het opgestoken haar. In de Sophiastraat aangekomen gebruikten wij nog wat pastijtjes en vruchten en hierop gingen wij naar bed.
7/8 augustus: Papa en ik vertrokken vanmiddag om 3 uur. Het was vreeselijk vol in de treinen en wij waren al bang heelemaal niet te kunnen slapen, maar in Coblenz konden wij gelukkig van coupé verwisselen en kwamen bij een zeer beleefden Duitscher. Met het slapen ging het nogal en toen we om 9 uur te Basel aankwamen, dejeuneerden wij daar gauw en gingen daarna door naar Beren. Paula stond niet aan het station, dus ging ik een eind achter Papa aan en kon hem eindelijk niet meer vinden opeens Paula en Alice ontdekte, ik vloog naar hun toe, maar Paula was zóó verwonderd dat zij mij in ‘t eerst heelemaal niet herkende en riep: “Wie ben jij?” Ik riep Papa ook gauw terug die mij (eene Indische dame) aan ‘t zoeken was en zoo gingen wij Beren in, waar Alice ons spoedig, verliet en wij langs De Bärensgraben naar de Schänzle liepen en daarna naar het huis van De fam. Flury, die ons heel vriendelijk ontving en waar wij dineerden. Met den trein van 4 uur gingen wij weer weg nadat Alice en Max ons nog even goedendag waren komen zeggen. Wij vertrokken toen per trein naar Aigle en zoo spoorde ik ook weer eens langs het prachtige Lac Léman. In Aigle aangekomen namen wij onzen intrek in het hôtel Beau-Site, vlakbij het station en na gesoupeerd te hebben gingen wij nog even de stad in en toen naar bed.
Hierna eventueel nog interessante stukken voor Godert-Jan over Zwitserland en een wandeling/tocht die ze met Paula en haar vader maakt. (2 dagen maar beschreven overigens)
Dagboek loopt maar tot 10 augustus en mist ook heel juli.
- 1 – Zeeuws Archief
- 2 – Zeeuws Archief
- 6 – Zeeuws Archief
- 7 – Zeeuws Archief
- 8 – Zeeuws Archief
- 9 – Zeeuws Archief
- 10 – Zeeuws Archief
- 11 – Zeeuws Archief
- 12 – Zeeuws Archief
- 13 – Zeeuws Archief
- 14 – Zeeuws Archief
- 18 – Zeeuws Archief
- 19 – Zeeuws Archief
- 33 – Zeeuws Archief
- 34 – Zeeuws Archief
- 35 – Zeeuws Archief
- 40 – Zeeuws Archief
- 43 – Zeeuws Archief











































